Geschiedenis is de geestelijke vorm waarin een cultuur zich rekenschap geeft van haar verleden’ (Johan Huizinga 1929) Deze woorden van Johan Huizinga bevestigen voor ons van Stichting Nusantara Amsterdam het belang van het hebben van kennis van onze eigen geschiedenis, te weten hoe het ons heeft gevormd en het belang van doorgeven van onze verhalen aan de jongere generatie. Het hebben van kennis over ons verleden werkt als een achteruitkijkspiegel –het verbindt het verleden met het heden.

Piraterij en roof, onderdrukking en ontmenselijking zijn nalatenschappen van de Nederlandse  kolonisatie, oorlogen en slavernij in de overzeese gebieden als resultaat van langdurige relaties van economische en militaire aard in Zuidelijk en West-Afrika, Zuidoost Azië en het Caribische gebied. Tijdens de Tweede Wereldoorlog hebben de nazaten van de West-Afrikaanse voorouders gevochten in het KNIL tegen de Japanners. In de 19e eeuw werden ze al ingezet bij de koloniale oorlogen die Nederland voerde om bestuur over Indonesië te verkrijgen en tijdens de naoorlogse periode van WO-II om het bestuur over deze gebieden te herkrijgen. Ook Surinamers en Antillianen, maar ook Javanen, Menadonezen, Molukkers, Sumatranen en Timorezen werden in de Tweede Wereldoorlog en tijdens de koloniale oorlogen ingezet.

Door de tijd heen hebben de aanwezigheid en de overheersing van Nederland in deze gebiedsdelen voor veel verschuivingen gezorgd. Oude samenlevingen en systemen in Indonesië, Suriname, en de voormalige Nederlandse Antillen werden soms hardhandig verdrongen en werden nieuwe geïnstalleerd die diepe sporen hebben achtergelaten. Sterker nog, voor velen maakt het nu nog een intrinsiek deel van hun leven en persoonlijkheid uit.

Wat de herinnering aan het koloniaal verleden betreft, verkeert een groot deel van Nederland in een staat van ontkenning, vergeetachtigheid of onwetendheid. Verhalen vanuit het perspectief van de gekoloniseerde en hun nazaten zijn niet verteld en gedocumenteerd. Die kennis en ervaring die er wel zijn staan haaks op de nationale geschiedenis. Het gaat telkens om de ervaringen en belevingen van de witte Nederlanders. Als wij überhaupt in de documentatie, romans, memories voorkomen dan zijn wij in de rol van ‘massafiguranten’.  Het gros van de Nederlandse slavernij-, koloniale- en dekolonisatie geschiedenis is afhankelijk van de eigen koloniale en nationale archieven die zijn nagelaten. Een geloofwaardig tegenarchief is echter niet of zeer beperkt aanwezig.

Doelen ‘Zwart onder Oranje’

- Kennis van de eigen geschiedenis (gerelateerd aan het koloniaal verleden) vergroten met name onder de jongere generatie omdat dit onmisbaar is voor een heldere kijk op de eigen houding en gedrag - Door kennis de eigen ‘meervoudige’ identiteit versterken of (opnieuw) leren waarderen

- Door het delen van persoonlijke verhalen met ‘alle’ Amsterdammers, de onderlinge verschillen en overeenkomsten zichtbaar en benoembaar maken. - Elkaars verhaal kennen is de sleutel tot meer begrip en sociale cohesie.

Stichting Nusantara Amsterdam wil de gestelde doelen behalen door een reeks bijeenkomsten te organiseren bestaande uit lezingen en debatten. Samen met deskundigen, een geselecteerde groep jongeren en het publiek wordt dieper ingegaan op de gedeelde koloniale geschiedenis met Nederland, met elkaar en de invloed daarvan op de jongere generatie in Amsterdam. Thema’s die besproken worden hebben een samenhang met het verleden en het heden, met Oost- en West Indisch, Afrika en Europa. Wij hopen dat daaruit reacties, onderwerpen, meningen, verschillen van inzichten komen en bespreekbaar worden gemaakt.